Herdenken

 

…Ieder jaar houden we op 4 mei ‘Dodenherdenking’.

 

Koopvaardijmonument ‘De Boeg’.

 

 

 

‘Opdat we ze niet vergeten’.
Terecht!
Helaas, we leren er niets van.

 

 

 

 

Hoe verschrikkelijk ook, er is een bevolkingsgroep die veelal de meeste aandacht krijgt op die dag.

 

Zeelieden

 

Zelf denk ik aan een andere groep: de koopvaardij.
De grootste Nederlandse bijdrage aan de geallieerde strijd tijdens de Tweede Wereldoorlog is zonder meer door de koopvaardij geleverd!
Erkenning voor hun grote inzet die velen met de dood moesten bekopen, hebben die mensen nauwelijks gekregen.

Zij moesten wel.

 

Het Nationaal Koopvaardijmonument in Rotterdam herdenkt de meer dan 3600 opvarenden die in oorlogstijd op zee gebleven zijn.

Getroffen.

 

Bij het uitbreken van de oorlog voeren 843 schepen van de Nederlandse koopvaardijvloot buitengaats.
Daarvan kwamen er 351 nooit meer naar hun thuishaven terug.

 

Eerste

 

De ‘Mark’ 1930-1939.

 

De ‘Mark’ van de NV. Houtvaart was het eerste Nederlandse schip dat door oorlogshandelingen verloren ging.
Ze voer bij Denemarken op 09-09-1939 tegen een Duitse mijn en verging.
De bemanning ging in de boten en werd gered.

De tanker ‘Sliedrecht’ was het eerste Nederlandse schip dat werd geraakt door een vijandelijke torpedo.
Ze voer voor Van Ommeren.

De ‘Sliedrecht’ 1924-1939.

 

De ‘U-28’ torpedeerde haar op 16-11-1939 bij Ierland.
Nederland was neutraal, toch werd ze aangehouden door de onderzeeër en dwong de bemanning in de sloepen te gaan.
Ze werd daarna tot zinken gebracht.
De sloep met 26 opvarenden werd nooit teruggevonden.

Tekening ‘U-28’ 1936-1944.

 

Zijaanzicht ‘U-28’ van het type VIIA.

 

De ‘U-28’ torpedeerde nog twee Nederlandse schepen.
De tanker ‘Eulota’ van de Petroleum Mij. La Corana werd op 11-03-1940 getroffen in Het Kanaal terwijl Nederland nog steeds neutraal was.

De ‘Eulota’ 1936-1940.
De ‘Eulota’ getroffen.

 

De bemanning probeerde haar nog te redden, tevergeefs.
Alle opvarenden werden gered door de ‘HMS. Wild Swan’ en de ‘HMS. Broke’.

De ‘HMS. Wild Swan’ D-62 1919-1942.

 

Tekening ‘HMS. Wild Swan’.

 

De ‘HMS. Broke’ D-83 1921-1942.
De D-83 met verkorte achterschoorsteen.

 

Tekening ‘HMS. Broke’.

 

De dag erna werd het nog drijvende voorschip door die schepen met torpedo’s tot zinken gebracht.

Ondergang van de ‘Eulota’.

 

De vrachtvaarder ‘Maas’ was op 11-09-1940 het volgende slachtoffer van de ‘U-28’.
Ze voer voor Vinke & Co.

De ‘Maas’.

 

Ze werd midscheeps getroffen en zonk direct nabij Methil in de Firth of Forth.
Twintig opvarenden kwamen hierbij om.

Tekening ‘U-28’.

 

Firth of Forth.

 

De ‘U-28’ zonk in 1944 in Neustadt, werd weer geborgen en diende als opleidingsschip.
Uit dienst gehaald en in hetzelfde jaar afgezonken.

 

Neutraal

 

Er vergingen meerdere schepen van de Nederlandse Koopvaardij tussen september 1939 en mei 1940 door torpedering, bombardementen, beschietingen en mijnen.
Die periode werd ook wel de ‘Schemeroorlog’ genoemd.
In die tijd was Nederland niet bezet en neutraal, al werd de dreiging steeds groter.

De ‘Tara’ van de rederij ‘Mij. Vrachtvaart’ was in februari 1940 onderweg van Bahia Blanca naar Rotterdam met een lading graan toen ze door de ‘U-50’, zonder voorafgaande waarschuwing, bij Kaap Finisterre werd getorpedeerd en zonk.
De bemanning werd gered.

De ‘Tara’ 1929-1940.
Krantenknipsel van de ‘Tara’.

 

De ‘U-50’ voer in 1940 tegen een mijn en ging verloren.

Tekening ‘U-50’ 1939-1940.

 

De ‘Simon Bolivar’ voer voor de KNSM.
Ze werd getroffen door twee magnetische mijnen op 18-11-1939 in de monding van de Theems vlak bij het lichtschip ‘Sunk’.

De ‘Simon Bolivar’ 1927-1939.
Een witte ‘Simon Bolivar’ bij IJmuiden.
Hier ligt ze in Willemstad.
Gezonken.
Het lichtschip ‘Sunk’.

 

De ‘HMT. Malacolite’ was één van de eerste schepen die ter hulp voer.
Ze gleed als ‘Richard Bagley’ in 1917 te water om als ‘Strathallan’ in 1954 gesloopt te worden.

De ‘HMT. Malacolite’ 1917-1954.

 

Model van de ‘HMT. Malacolite’.

 

Mijnenvegende trawlers.

 

De ‘Simon Bolivar’ zonk direct en 70 opvarenden verloren daarbij hun leven.
De overlevenden werden door de veerboot ‘Oranje Nassau’ van de SMZ teruggebracht naar Vlissingen.

De veerboot ‘Oranje Nassau’ 1909-1954.
Hier bracht ze de overlevenden terug in Vlissingen.
De ‘Oranje Nassau’ in oorlogsgrijs.

 

De magnetische mijnen waren daar de nacht ervoor door Duitse torpedobootjagers, de ‘Bernd von Arnim’, de ‘Hermann Künne’ en de ‘Wilhelm Heidkamp’, neergelegd.

De ‘Bernd von Arnim’ Z-11 1938-1940.
De ‘Hermann Künne’ Z-19 1939-1940.
De ‘Wilhelm Heidkamp’ Z-21 1939-1940.

 

Deze schepen gingen bij de ‘Slag om Narvik’ in 1940 ten onder.
Omdat ze zonder munitie kwamen te zitten of door Engels kanonvuur en torpedo’s.

De ‘Bernisse’ uit 1915 voer onder een slecht gesternte.

De ‘Bernisse’ 1915-1940.

 

In 1918 voer ze bij Öland op een mijn en zonk.
Werd gelicht en in Oskarshamn gerepareerd.
Ging weer voor de rederij van Es & Co. varen.

Hier als neutraal schip.

 

Tijdens de ‘Slag om Narvik’, in het voorjaar van 1940, lag ze daar om lading in te nemen.
Ze werd eveneens door Engelse torpedobootjagers beschoten en zonk.

De ‘Wilhelm Heidkamp’ werd door haar eigen bemanning tot zinken gebracht.

Verlaten en gezonken.

 

Zo verging het ook met de ‘Hans Lüdemann’, ze werd door haar bemanning met explosieven tot zinken gebracht.
Het vertrouwen van de legerleiding in oppervlakte schepen van de Kriegsmarine was na dit débacle niet groot meer.

De ‘Hans Lüdemann’ Z-18 1938-1940.
Als wrak bij Narvik.

 

Tekening 1934A klasse.

 

De ‘Spaarndam’ van de NASM werd in 1939 ook door magnetische mijnen in de monding van de Theems getroffen.
Vlak bij het lichtschip ‘Tongue’ raakte ze in brand, begon te zinken en werd aan de grond gezet.
Op zes opvarenden na werd haar bemanning gered.

De ‘Spaarndam’ 1922-1939.
Verloor een schoorsteen bij haar verbouwing in 1928.
Gezonken.
Lichtschip ‘Tongue’.

 

Ook de ‘HMS. Gipsy’ zonk door die gelegde magnetische mijnen.

De ‘HMS. Gipsy’ 1936-1939.

 

De ‘Binnendyk’ van de NSAM ging ook verloren terwijl Nederland nog neutraal was.
Bij Weymouth in 1939 werd ze eveneens door een magnetische mijn getroffen, gelegd door de ‘U-26’.
De volgende dag zonk ze vlak bij het lichtschip ‘Shambles’ op de zandbanken daar.
Alle opvarenden werden gered.

De ‘Binnendyk’ 1921-1939.
Op de plecht ‘Binnendyk’, op haar romp ‘Binnendijk’.
Lichtschip ‘Shambles’.

 

Een maand eerder bleek de Belgische vrachtvaarder ‘Alex van Opstal’ daar ook door zo’n mijn getroffen te zijn.
Ze verging vlak bij het lichtschip ‘Warner’.

De ‘Alex van Opstal’ 1937-1939.
Door het ijs.
Het lichtschip ‘Warner’ bij Weymouth.

 

De opvarenden van het Belgische schip werden door het Griekse schip ‘Atlanticos’ (1935-1942) gered en naar Weymouth gebracht.
Ze gleed in 1919 als ‘War Noble’ in Vancouver te water om onder Engelse vlag te gaan varen.
Kwam in 1920 onder Franse vlag als ‘Maryland’ (1920-1935).
In 1942 liep ze bij Barrow Deep, in de Theems monding, op een mijn en zonk.

De ‘War Noble’ in 1919.
Lichtschip ‘Barrow Deep’.

 

De ‘U-26′ werd in 1940’ door de ‘HMS. Gladiolus’ en een ‘Short Sunderland’ vliegboot met dieptebommen vernietigd bij IJsland.
Zo’n ‘Short Sunderland’ was een geduchte onderzeebootjager.

Tekening ‘U-26’ 1936-1940.

 

De ‘HMS. Gladiolus’ 1940-1941.
Een ‘Short Sunderland’.

 

Gingen in de periode 1939 en begin 1940 veel schepen door mijnen verloren.
Er waren ook schepen die door torpedo’s geraakt werden.

De ‘Tajandoen’ van de SMN werd op 07-12-1939 getorpedeerd door de ‘U-47 in Het Kanaal.
Op zes opvarenden na werden alle gered door de Belgische vrachtvaarder ‘Louis Sheid’.

De ‘Tajandoen’ 1931-1939.

 

Tekening ‘U-47’ 1938-1941.

 

De ‘U-47’ verdween spoorloos op de Noord Atlantische Oceaan.

Helaas was de redding van de bemanning van de ‘Tajandoen’ voor korte duur, ’s avonds liep de ‘Louis Sheid’ op de rotsen bij Hopecove.

De ‘Louis Sheid’ 1920-1939 op de rotsen.
Gebroken.

 

Het Kanaal werd door vele schepen doorkruisd en nietsvermoedend door Duitse onderzeeërs onder vuur genomen.

De ‘Arendskerk’ 1938-1940.

 

De ‘U-44’ liep boven Terschelling op een mijn en verging.
Zowel door de Engelsen als de Duitsers werden daar veel mijnen gelegd.

Tekening ‘U-44’ 1939-1940.

 

De ‘Arendskerk’ was het eerste schip van de VNS dat door torpedo’s verloren ging.
Dat gebeurde in Het Kanaal op 15-01-1940 terwijl ze onder neutrale vlag voer.

Ook de ‘Ameland’ van de RL werd als neutraal schip door de ‘U-10’ op 18-02-1940 getorpedeerd.

De ‘Ameland’ 1930-1940.
De ‘Ameland’ als neutraal schip.

 

Tekening ‘U-10’ 1935-1944.

 

Verdwenen

 

Er voeren schepen de haven uit waarna nooit meer iets van vernomen werd.
Zoals bij de ‘Grutto’, de ‘Rynstroom’, de ‘Vecht’ en de ‘Modjokerto’.
Pas jaren later werd bekend hoe ze verdwenen waren.

De schepen ‘Grutto’ en de ‘Rynstroom’ verdwenen begin 1940 op de Noordzee zonder enkel spoor, waarbij hun bemanningen omkwamen.
Later bleek dat ze beide door de ‘U-17’ tot zinken werden gebracht.

De ‘Grutto’ 1925-1940.
Hier vlak voor haar fatale afvaart.

 

De ‘Grutto’ met haar karakterestieke dekkranen voer voor de fa. Smith & van Ommeren, terwijl de ‘Rynstroom’ voor de rederij HSM haar reizen maakte.

De ‘Rynstroom’ 1937-1940.

 

De ‘U-17’ overleefde de oorlog en werd in 1945 afgezonken, gelicht en gesloopt.

Tekening ‘U-17’ 1935-1945.

 

De ‘Vecht’ voer voor de NV. Houtvaart.

Hier nog als de Noorse ‘Graakallen’ 1917-1940.
Als ‘Vecht’.
Met haar zusterschip, de ‘Schie’.

 

Zo voer de ‘Vecht’ in maart 1940, terwijl Nederland nog neutraal was, de haven van Rotterdam uit.
Ze verdween met 22 opvarenden in de Noordzee.
Pas jaren later werd bekend dat ze was getorpedeerd door de ‘U-14’.

Tekening ‘U-14’ 1936-1945.

 

De ‘Modjokerto’ verdween in maart 1942 nadat ze Tjiltaljap had verlaten.
Ze voer uit met 42 opvarenden.

De ‘Modjokerto’ 1922-1942.
De ‘Modjokerto’ voor haar verbouwing.
Na haar verbouwing in 1934 tot motorschip.
In Vancouver met de landskleuren op haar romp.
In het bekende oorlogsgrijs in 1940.

 

De ‘Modjokerto’ voer voor de RL.

Veel later werd bekend dat ze was aangevallen door de ‘I-54’, die haar torpedeerde en door kanonvuur van de ‘IJN Yugure’ die haar tot zinken bracht.

Tekening van de ‘I-54’ 1927-1946.

 

De ‘I-54’ werd in 1944 opgelegd en in 1946 ergens afgezonken.

De ‘IJN. Yugure’ 1934-1943.

 

Tekening ‘IJN Yugure’ 1934-1943.

 

Profiel ‘IJN Yugure’.

 

Er bestaat twijfel door welk oorlogsschip ze nu eigenlijk beschoten werd.
Was het de ‘IJN Yugure’ of de ‘IJN Chikuma’?

De zware kruiser ‘IJN. Chikuma’ 1939-1944.

 

Tekening ‘IJN Chikuma’ 1938-1944.

 

Profiel ‘IJN Chikuma’.

 

Schepen en bemanning verdwenen zonder enig mededogen van de overwinnaar.

 

Alleen

 

Mannen die voor hun brood naar zee gingen en door de oorlogstijd overvallen werden.
De ‘vaarplicht’ opgelegd kregen en niet meer terug naar huis konden.
Zelfs geen mogelijkheid hadden contact op te nemen met hun naasten.
Al die jaren op hun schip verbleven.
Geen heldhaftige verhalen, maar bittere ellende.
Zij deden gewoon hun plicht met volhardende discipline en bleven trots onder de Nederlandse vlag doorvaren.
Ondanks tegenstellingen van de bemanning onderling.

Konvooi op weg.
Konvooi.
Een FW-200 bij een konvooi in zee gestort.

 

Vele van hen werden gedwongen met hun schip op Moermansk te varen.
Ze moesten soms temperaturen van min 50 graden doorstaan.
Het ijs stond op de wanden in de hutten.

Pakijs.

 

Enorme velden pakijs doorploegen en wrede zeeën trotseren, om nog maar te zwijgen van Duitse U-boten en de Luftwaffe die hun belaagden.

De ‘Troubadour’ 1920-1952.
Sloepen buitenboord van de ‘Troubadour’.
Voorzorg.
Woelige baren voor een konvooi.

 

Vaak hingen de sloepen al buitenboord in hun davids.
Zomernachten die niet donker werden en ze daardoor zichtbaar bleven.
Het is geen wonder dat die Arctische konvooien werden omschreven als de ‘ergste vaart ter wereld’.
Een ‘Hellevaart’!

Getroffen.
Getorpedeerd.
Verloren.

 

De angst om niet met je schip in die zee te zinken.
Overlevingskansen waren gering, je hield het door onderkoeling maar even vol.

IJsafzetting.
Topzwaar.
IJzig.

 

IJsafzetting belemmerden werkzaamheden en maakten het schip topzwaar.
Het waren helse tochten die geen helden opleverden.

De ‘Pieter de Hoogh’.

 

Ook een aantal Nederlandse schepen voeren daar in mee.
De ‘Pieter de Hoogh’ volbracht 44 konvooien, waaronder ook die naar Moermansk.
Terwijl de ‘Paulus Potter’ al bij haar eerste reis in konvooi PQ17 ten onderging.

De ‘Paulus Potter’ onder vuur.
De ‘Paulus Potter’ stoom blazend.

 

Ze kwam als ‘Empire Johnson’ in 1942 in de vaart.
Op 25-04-1942 werd ze overgenomen door de Staat der Nederlanden en op 05-07-1942 raakte ze, op weg naar Archangel, zodanig beschadigd door aanvallen van JU-88 duikbommenwerpers dat werd besloten het schip te verlaten.

JU-88.

 

De alsmaar durende onzekerheid: zullen we het overleven?
Telkens denken aan thuis waar je niets van hoort en weet.

Zichzelf redden.

 

De complete bemanning van de ‘Paulus Potter’ kwam op Nova Zembla veilig aan land na een vreselijke tocht in de sloepen.

Ondergang ‘Paulus Potter’.

 

Op 13-07-1942 werd de ‘Paulus Potter’ gevonden door de U-255 en tot zinken gebracht.

 

 

Tekening ‘U-255’ 1941-1945.

 

De ‘U-255’ gaf zich in 1945 over bij Loch Eriboll.
Ze werd in hetzelfde jaar als doelwit tot zinken gebracht.

 

Operatie Deadlight

 

Na de capitulatie van de Duitsers verbleven veel U-boten buitengaats.
Sommige lieten hun schip zinken, maar zo’n 156 schepen gaven zich over en werden opgelegd.
Waardevol materiaal werd ervan verwijderd en hergebruikt.
De rompen werden later na open zee versleept om te dienen als doelwit.
Een enkele U-boot werd als een soort triomf ergens tentoongesteld.

Lisahally in 1945.
De haven van Lisahally.
Opgelegde U-boten.
Leeghalen van de U-boten.

 

In de haven van Lisahally lagen zo’n veertig U-boten te wachten op hun lot.

 

PQ17

 

De reis van het PQ17 konvooi verliep dramatisch.
Er voeren 35 koopvaardijschepen in mee waarvan er 24 verloren gingen.
De oorzaak van de ramp lag niet in de barre omstandigheden van de Noordpool of de vijand.

De ‘Tirpitz’ 1941-1944.

 

Tekening ‘Tirpitz’.

 

Deze lag bij een verkeerde beslissing van de Britse Admiraliteit in Londen.
Ze waren in de veronderstelling dat het geduchte slagschip ‘Tirpitz’ was uitgevaren.
Ze riepen alle begeleidende oorlogsschepen terug en lieten het zich verspreidende konvooi van koopvaardijschepen onbeschermd en reddeloos achter.
Die raakten verstrikt in het pakijs en werden daarna genadeloos vernietigd door vliegtuigen en onderzeeërs.
De ‘Tirpitz’ had haar veilige baai in Noorwegen nooit verlaten.

Moermansk konvooi.
Nog een konvooi onderweg.

 

Geraakt

 

De ‘Blitar’ van de RL werd in april 1943 op de Atlantische Oceaan bij IJsland door de ‘U-632’ getorpedeerd.
Het konvooi waar ze toe behoorde, werd aangevallen door een aantal U-boten.
De ‘Blitar’ verliet het konvooi om van haar snelheid te kunnen profiteren en zo proberen te ontkomen.
Ze had het geluk even aan haar zijde.
Terwijl ze zig-zaggend wegvoer, werd ze door de ‘U-229’ en de ‘U-632’ achtervolgd.

De ‘Vaalaren’ 1936-1943.

 

De ‘U-229’ had net daarvoor het Zweedse schip ‘Vaalaren’ tot zinken gebracht.
Ze miste al haar torpedo’s op de ‘Blitar’.
Ook de ‘U-632’ had moeite om haar te raken.
Eén torpedo was voldoende om de ‘Blitar’ in de problemen te brengen.
Het schip ging ten onder en 29 opvarenden van de 80 kwamen hierbij om.

De ‘Blitar’ 1923-1943.
Een handelsvaarder.
Als neutraal schip in 1939.

 

De ‘U-632’ werd een dag later door een Britse B-24 ‘Liberator’ tot zinken gebracht.

Tekening ‘U-632’ 1942-1943.

 

Een Engelse B-24 ‘Liberator’.

 

Tekening ‘Consolidated B-24 Liberator’.

 

De overlevenden van de ‘Blitar’ gingen in de boten en werden gered door begeleidende escorteschepen.
Dit waren de torpedobootjager ‘HMCS. Restigouche’ ex-‘HMS. Comet’ en het fregat ‘HMS. Trent’.

De ‘HMS. Comet’ 1932-1938.

 

Lijnen ‘HMS. Comet’.

 

Als ‘HMCS. Restigouche’ 1938-1945.

 

Tekening ‘HMCS. Restigouche’.

 

Het fregat ‘HMS. Trent’ 1943-1946′.

 

Eén van de reddingsboten werd door een Short Sunderland vliegboot ontdekt en later gevonden door de torpedoboot ‘HMS. Eclipse’ die de geredde bemanningsleden aan wal bracht.

Een Short Sunderland vliegboot.

 

Tekening Short Sunderland.

 

De ‘HMS. Eclipse’ 1934-1943.

 

Tekening ‘HMS. Eclipse’.

 

De ‘U-229’ werd door de ‘HMS. Keppel’ in 1943 aangevallen en vernietigd.

De ‘HMS. Keppel’ 1925-1945.

 

Tekening ‘HMS. Keppel’.

 

Tekening ‘U-229’ 1942-1943.

 

De verschrikkingen en ongelooflijke gevaren waar die zeelieden mee werden geconfronteerd verdiend alleen maar respect.

 

Wreed

 

Hoe wreed de vijand soms kon zijn, bewees de Japanse onderzeeër ‘I-8’.
Ze torpedeerde de ‘Tjisalak’ van de JCJL en nam de overlevenden aan dek.
Daar werden ze doodgeschoten en het water in gegooid.
Van de 103 opvarenden overleefden er slechts 5 dit drama.

De ‘Tjisalak’ 1917-1944.
De ‘I-8’ 1938-1945.

 

Tekening onderzeeër ‘I-8’.

 

De ‘I-8’ werd door de ‘USS. Morrison’ in 1945 door dieptebommen tot zinken gebracht.
Ze werd op haar beurt in 1945 door een Kamikaze vliegtuig tot zinken gebracht.

De ‘USS. Morrison’ 1943-1945.

 

Ook bij de torpedering van de ‘Langkoeas’ kenden ze geen mededogen.
Terwijl de bemanning in de sloepen ging, werd één van de sloepen door de onderzeeër overvaren en de andere beschoten.
Van de 94 opvarenden overleefden er slechts 3 de tragedie.

De ‘Stassfurt’ 1930-1940.
De ‘Langkoeas’ 1940-1942.

 

De ‘Langkoeas’ was de vroegere Duitse ‘Stassfurt’.
In 1940 werd ze door de Nederlandse Marine te Tjilatjap in beslag genomen en ging voor de Rotterdamse Lloyd varen.
Ze was het eerste schip dat in de Indische wateren tot zinken werd gebracht.
Deze keer door de Japanse duikboot ‘I-58’.

De ‘I-58’ 1944-1946.

 

Tekening ‘I-58’.

 

De ‘I-58’ werd door de Japanners ontmanteld.
Ze werd door de ‘USS. Nereus’ in 1946 naar open zee gesleept en daar met kanonvuur tot zinken gebracht.

 

De ‘USS. Nereus’ 1945-2012!

 

De ‘Rooseboom’ werd ook door een Japanse onderzeeër getorpedeerd, de ‘I-59’.
Ze voer voor de KPM en vertrok uit Batavia met 500 evacuées.
Van de opvarenden overleefden er slechts zes dit drama.
De ‘Palopo’, ook van de KPM, wist vier man te redden.
Twee anderen bereikten weer land na 26 dagen rondgedobberd te hebben.

De ‘Rooseboom’ 1926-1942.
De ‘I-59’ op de voorgrond.

 

Tekening onderzeeër ‘I-59’.

 

De ‘I-59’ werd eveneens door ‘USS. Nereus’ in 1946 naar open zee gesleept en daar met kanonvuur tot zinken te worden gebracht.

De ‘Palopo’ 1922-1952.

 

Ook de ‘Poela Bras’ van de SMN werd door de Japanners tot zinken gebracht.
Op haar reis met vluchtelingen vanuit de ‘Gordel van Smaragd’ werd ze door het vliegdekschip ‘Hiryu’ opgemerkt.
Duikbommenwerpers brachten de ‘Poela Bras’ tot zinken.
Daarbij kwamen veel mensen om.
Een aantal wist te ontkomen, om na 8 dagen rondzwalken in de reddingboten een eiland te bereiken.
De Japanners namen ze gevangen en de overlevenden verdwenen in kampen.

De ‘Poela Bras’ 1929-1942.
De ‘Hiryu’ 1937-1942.

 

Tekening ‘Hiryu’.

 

Tekening vliegtuigen aan boord ‘Hiryu’.

 

Hulp

 

Er waren tal van beschadigde schepen die slechts met hulp van sleepboten een veilige haven konden bereiken.

Binnenbrengen van een getroffen schip door de ‘Zwarte Zee’.
De ‘Zwarte Zee’ 1933-1966.

 

Tekening ‘Zwarte Zee’.

 

De ‘Zwarte Zee’ bracht in 1943 de Liberty ‘Flora MacDonald’ binnen.
Ze was door de ‘U-126’ geraakt, vloog in brand, maar bleef drijven.

Tekening ‘U-126’ 1941-1943.

 

De ‘U-126’ werd in 1943 door dieptebommen bij Cape Ortegal vanuit een ‘Wellington’ vernietigd.

Een ‘Vickers Wellington’.

 

Olieman

 

Aan boord van de ‘Utrecht’ kwam ik met een olieman te varen die die ontberingen ondervonden had.
Zijn verhalen beklijfden mij.
De man werd soms gillend wakker, droomde dat hij weer getorpedeerd werd.
Zijn tenen waren afgevroren.
Hij had het overleefd, maar de verschrikkingen van die tijd maakte hij nog steeds mee.
Veel koopvaardijmensen waren niet zo fortuinlijk.

Zinkende.
Ten onder.

 

Als je bezig bent met zo’n verhaal te schrijven en het controleert op de juiste gegevens, dan besef je pas hoe nodeloos verkwistend er met mensen en materiaal werd omgegaan aan beide zijden.

Aan hen denk ik dan op die dag, zij die niet meer zijn thuisgekomen.

Geef een reactie